Marsabit
De tijd vliegt!
Nog maar 2 weken te gaan en dan is mijn stage over. Vorige week heb ik een Keniaanse graduation meegevierd en heb ik opnieuw (de eerste keer was mislukt) een nummer opgenomen in een studio in Kibera. Vanaf donderdag was ik weer op reis naar het noorden van Kenia, maar deze keer eindelijk naar Marsabit. De eerste keer werd ik ziek voor vertrek, de vorige reis werd verschoven naar dit weekend. Nu dan toch eindelijk ook op weg naar dit project. Opnieuw een echt reisverslag.
5 Juli
Donderdagochtend verzamelden we bij de National Archives in het midden van de stad. Van daar liepen we een stukje down town en kwamen terecht bij de busjes naar Isiolo. We waren, voor Keniaanse doen, snel op weg. Ik had een relaxte plaats voorin met genoeg ruimte voor m'n benen. Het was geen matatu, maar meer een soort taxi-busje. De weg die we gebruikten zag er uit als een high way, maar om de zoveel meter verschenen er zebrapaden met daarvoor een aantal drempels. Blijkbaar omdat het verkeer anders nooit stopt voor de voetgangers. Maar een high way waarop je maar 50 mag! We reden dus kalmpjes door en langs de weg zag ik de vertrouwde verkopers met een hun kleine standjes vol fruit, snoep en soda's. Toch leek het hier wat meer geordend dan de route die we naar Maralal nemen. Waarschijnlijk door de lange, rechte weg. Zo'n 4,5 uur reden we door dalen en hoogvlaktes, passeerden groen glooiende hellingen als in Zuid-Frankrijk, poeltjes en bananenbomen als in Indonesië en kringelden we om bergjes die als puberpukkels uit het land omhoog schoten. Hoewel het best warm was, begonnen op een gegeven momenten wolken vervaarlijk samen te pakken en strooide de zon lange schaduwen over de weg. Het was nauwelijks 4 uur. Ineens reden we midden in een zware hagelbui, onmiddellijk minderde de chauffeur zijn snelheid, werden alle ramen gesloten en besloeg alles. Met in de ene hand het stuur, in zijn andere hand zijn mobiel, verschoof hij met zijn andere hand alle schuifjes van de verwarming. (Serieus, Keniaanse chauffeurs hebben meer dan één paar handen) Langzaam werd het zicht door de ramen weer beter, maar in mijn hoofd klonk de Carglass-commercial: ‘bij plotselinge temperatuurverschillen..' Gelukkig bleef de voorruit heel en scheen de zon al snel weer onder de wolken door. Aangekomen in Isiolo wachtten we 4 uur in een restaurantje op de aansluiting. De eetellende begon hier al, want ik vroeg om veel groente en wat rijst, kreeg ik veel rijst en ouwige koolsalade. Noem me maar verwend, maar goed eten is wel echt belangrijk voor je welzijn!
Goed, uiteindelijk vertrokken we maar anderhalf uur later dan gepland met de 2e bus. Oeioei, teveel mensen in 1 hok die allemaal net gegeten hadden. En warm. En mensen die zaten te kauwen op stengels, miraa, een soort drug uit de natuur, waardoor je veel energie krijgt. Een man die het kauwde zag er inderdaad onnatuurlijk wide eyed en zweterig uit. Later hoorde ik dat het in deze streken redelijk normaal is om dit te kauwen. Het is wel interessant als je denkt aan de grote moslimpopulatie hier. Alcohol is dan verboden, maar blijkbaar is dit kauwen geen probleem. Zelfs politieagenten schijnen het te gebruiken. Vanaf een uur of 12 tot 5 in de ochtend reden we met de bus over een hobbelige weg. Gelukkig zaten we in het midden, waardoor de hobbels niet te erg waren, maar nog steeds onaangenaam. Terwijl iemand schelle muziek met z'n mobiel afspeelde, de bus een aantal keer stopte, de lichten aan vlogen en toen weer uit, sloeg ik m'n armen over elkaar en sliep. Ik had vreemde dromen, verkrampte spieren, stinkende ledematen en geen vlees meer aan m'n kont, maar ik sliep ten minste. Nu ik dit voor mijn blog herschrijf, teruglees, kan ik me er alleen maar van herinneren dat ik heerlijk heb geslapen, in zalige onwetendheid over de terugweg.
6 Juli
Voordat het licht was, arriveerden we in Marsabit. Daar bleven de meeste mensen dutten in de bus totdat in het eerste licht de contouren van de huizen van dit stadje zichtbaar werden. Wij stapten uit (wij is: mijn collega Emily en een andere intern Norbert) en liepen naar ons guest house, daar checkten we in en kregen een kamer toegewezen. Ik sprong onder de koude douche (later hoorde ik dat hij ook warm kan, maar dan moet je hem eerst laten opwarmen), gebruikte vol afgrijzen een gat-in-de-grond-wc en dook m'n bed in. Na een paar uurtjes extra slaap, begaf ik me naar een ontbijt van oploskoffie en semi-toast met boter. Het kostte me wat moeite duidelijk te maken wat ik wilde voor ontbijt, want Salome kende niet veel engels. Na het ontbijt verdween ik naar buiten om de omgeving te verkennen, ik bevond me immers in een plaats midden in een van de vele nationale parken.
Marsabit is een zanderig en winderig stadje dat zich ontspannen uitstrekt tussen de omringende bergtoppen. Hier en daar lange winkelstraten, dan weer een groot open veld en blokken compounds waar mensen een rustig leven leiden. Ik besloot een lage top die achter het hostel lag, te beklimmen. Het was niet hoog, wel stijl, maar via romantische slingerpaadjes en langs kleine boerderijtjes bereikte ik de top waarop ik een prachtig uitzicht had op het dal. (Check de foto's). In de verte, op de andere top, zag ik ineens een klooster liggen. Vastbesloten ook die top te bereiken, kocht ik wat lunch beneden en wandelde naar de andere kant. Opnieuw een prachtig pad, waarop ik een stuk opliep met een klein jongetje dat ik niet verstond, dat via een pad door licht glooiende velden uitkwam bij de shrine. Daar aangekomen werd ik vriendelijk doch beslist naar binnen geloodst om de kapel en de schilderingen te bekijken. Ze toonden allemaal Bijbelverhalen en het fascinerende was dat de mensen niet wit waren, zoals wij gewend zijn, maar allemaal donker. Ook het landschap op de achtergrond was duidelijk Keniaans. Ik heb er een aantal foto's van gemaakt. Hierna bijna verdwaald in de achterbuurten van Marsabit, maar uiteindelijk was ik weer in het guest house. Die avond aten we met z'n drieen in een ander hotel, waar het eten beter moest zijn. Inderdaad, ‘moest zijn'. Ik zeg verder niks. Daarna dronken we nog een imaginair biertje in ons eigen hostel, soda's dus en gingen we op weg naar ons bedje.
7 Juli
Vandaag zouden we eerst en eindelijk de workshop geven bij de High School in Marsabit en daarna gelijk op de bus terug naar Nairobi springen. Het was een verademing op de compound van de school te komen. Het was ruim, goed onderhouden en veel groen sierde de oprit. Na wat vertraging hielden we onze sessie, waarbij de meisjes erg enthousiast waren, maar ook nog wat verlegen. We deden forum theater, waarbij de meiden werden gevraagd een conflict of probleem van de afgelopen maand uit te spelen om samen oplossingen te proberen voor die problemen. Ik hoorde dat onze workshops onderdeel vormden van het counselingsprogramma op deze school en dat de meiden op hun beurt weer anderen uit hun eigen klas leerden wat zij weer van ons geleerd hadden. Dit is echt participatory learning! Aan het einde kwamen nog wat meisjes naar me toe met wat vragen. Daarna kregen we, heel vriendelijk, thee, samosa's en ndazi's, moesten we nog het gastenboek tekenen en liepen we weer terug. Deze workshop, de dankbaarheid van de school en de ontwikkeling die al te zien was (een van de meisjes hield een kleine speech om ons te bedanken en zei daarin dat ze twee maanden geleden nog niet eens haar naam in de groep had durven zeggen en nu hier stond) maakte de lange heenreis wel goed.
Twee uur later zaten we dan toch in de bus. Ik had een plaatsje redelijk achterin, naast twee jonge vriendelijke Ethiopers. Aan de andere kant zat een wat minder jonge Ethiopier, die de hele reis zat te boeren en te rochelen, tsja. Vanaf het moment dat we vertrokken tot we aankwamen in Nairobi was het doorbijten, verstand op nul, met m'n hele lichaam flexibel zijn en denken aan de stoere verhalen die ik later zou kunnen vertellen. Wat een hel! Elke kuil en hobbel voelde je eerst doordat het voorwiel erdoor of overheen ramde, daarna het achterwiel en met een beetje geluk kon ik op m'n achterste blijven zitten, maar de andere keren werd ik op zo'n 20-30 cm uit m'n stoel gelanceerd. Uiteindelijk werd het iets beter toen we de tamarcweg (asfaltweg) bereikten, en dommelde ik wat in. Tot aan Isiolo hadden we welgeteld vijf paspoortcontroles. Vijf! Weer stoppen, dezelfde mensen eruit, dezelfde mensen wat geld betalen omdat hun papieren niet helemaal in orde waren, en weer door. In Isiolo hadden we een half uur om wat te eten te halen en daar gingen we weer op weg. Door de zitplaats achterin was slapen echt heel moeilijk en met dikke wallen kwamen we aan in Nairobi. In een achterbuurt van Eastleigh namen we in het holst van de nacht eerst een verkeerde mat, daarna toch de goede naar de binnenstad en nam ik afscheid van de anderen om in mijn matatu nummer 15 naast een dronken meisje naar Southlands te worden gereden. Dit was rond 4en. Bij het uitstappen moest ik nog vechten om m'n wisselgeld en ik strompelde de estate door naar huis. Om half 5 lag ik in m'n bed om er even niet meer uit te komen.
Inmiddels is het dinsdag en ben ik nog steeds een beetje bij aan het komen van de reis, schrijf ik m'n stageverslag en hoop ik niet ziek te worden. Wouter is inmiddels ergens in Oost-Afrika en komt volgende week deze kant op, dan rond ik mijn stage af en gaan we genieten van een welverdiend vakantietje. Dus, nog even de laatste loodjes. Nog steeds leuk dat jullie m'n blog lezen!! Tot ziens! ;)
Reacties
Reacties
Wat een verhaal! Inderdaad een stoer verhaal maar niet leuk. Ik wens je nog een paar leuke weken, ook samen met Wouter. Geniet er van en tot ziens!
Groet, Christine
Je bent een dappere meid! Wat een ervaringen zeg! Echt diep respect voor je! Ik vind het heel leuk om mee te lev(z)en.
Nou, nou, niet alles gaat van een leien dakje daar. Moeizaam allemaal, maar goed, het maakt je uiteindelijk sterk en je hebt in het westen straks zeker iets te vertellen en (weer) te genieten. Hou nog even vol, Wouter komt eraan, hoorde ik! Even samen nog genieten. Veel plezier samen. Tot ziens
Margitje! Mooi reisverslag hoor! Still feeling every bit of your body? En nog wordt je geen rust gegund.. met Wouter in aantocht die je helemaal plat gaat knuffelen haha. Geniet van de laatste weekjes en tot snel!
So, beetje kommer en kwel zo te lezen. Ik wens je voor de laatste weken veel lol, gezelligheid en genieten!
In een ander, minder ruig land, ook grote afstanden gereden.Veel comfortabeler, toch voel ik, niet letterlijk, met je mee. Geweldige verhalen, zeker achteraf!
Veel sterkte voor de laatste loodjes.Liefs oma
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}